Hoeveel tomaten passen er in een kalebas?

ouahigouya, zaterdag 27 mei 2006

Op het Burkinese platteland gebruiken de boeren niet dezelfde eenheden als wij. Ze hebben heel uiteenlopende begrippen om een bepaalde hoeveelheid aan te duiden. Als een boer 2000 franc CFA vraagt voor een kalebas ajuinen en een andere vraagt 1650 franc CFA voor een kuip (tine) ajuintjes, wie vraagt dan het meest?

Hoeveel ajuinen zitten er in een kalebas? Honderd, volgens de boer. Honderd!? In zulke kleine kommetjes? Onmogelijk!

Nee, natuurlijk, zegt de boer. Een kalebas ajuinen, dat zijn er honderd, maar je kan ze niet in de kalebas steken. Kolanoten, daarvan passen er honderd in een kalebas.

De maat 'kalebas' stamt inderdaad uit de tijd dat de lekkernij kolanoten uit Ivoorkust en Ghana naar het Noorden van Burkina Faso gebracht werd. Sindsdien staat een kalebas tomaten voor honderd tomaten, een kalebas aubergines voor honderd aubergines, een kalebas ajuinen voor honderd ajuinen. Honderd ajuinen voor 2000 franc, dat is 20 per ajuin.

En dat kuipje? Wel, in een kuipje gaan er negen dozen, en 54 dozen zijn goed voor een zak van 100 kilo. Dus één kuipje staat voor 16,7 kilo ajuinen. De boer vraagt dus ongeveer 100 franc CFA per kilo ajuinen.

Wie is dan het goedkoopst? Dat hangt af van de grootte van de ajuinen - passen er meer dan vijf ajuintjes in een kilo, dan koop je beter bij de boer met het kuipje. Zijn het joekels van ajuinen waarvan er minder dan vijf in een kilo passen, dan koop je beter de kalebas!

En dan betalen… ook dat is niet zo eenvoudig in Moore, de lokale taal. Voor geld tellen ze namelijk in eenheden van vijf. Voor honderd franc CFA, moet je dus het woord voor 'twintig' gebruiken. Een kalebas ajuinen, 2000 franc, geeft dus 400 vijfeenheden. Volgt u nog?

Gelukkig is het op de markt zelf heel wat makkelijker. In Ouahigouya op de markt kan je alles vinden. Boeren uit de streek verkopen er op de groentemarkt. Ze rekenen meestal per stuk of per hoopje. Bij twee vrouwen kopen we vier tomaten voor 50 franc. Ik haal wat muntjes uit mijn zak om te betalen. Een vreemde, lachende man met een baard staat langs ons. Plots slaat hij het geld uit mijn hand. De muntjes rollen in het zand. Zonder iets mee te nemen, zet hij het op een lopen. De twee marktvrouwen lachen: 'Jullie waren bang hé. Maak je geen zorgen, hij is een beetje gek, maar hij is vriendelijk.'